RESERVEER EEN: Kamer Bruiloft Bijeenkomst Tafel

Kasteel Kerckebosch Zeist: De Historie

Bij een bezoek aan Kasteel Kerckebosch is het leuk om alle verborgen geheimen van het kasteel te ontdekken. Het kasteel is gebouwd in 1904 door jonkheer Egbert Lintelo de Geer op landgoed Kerckebosch.

Bij het bouwen van het kasteel werd een uitgebreide collectie antieke gebruiksvoorwerpen en ornamenten gebruikt. Deze zijn afkomstig van gerestaureerde kerken, kloosters en kastelen in de directe omgeving. Jonkheer Lintelo de Geer wist met bevriende antiquairs heel veel bijzondere oude materialen aan te kopen. Zo zijn bijvoorbeeld in de lobby twee zeer oude deuren met smeedijzeren klopper gebruikt uit de Dom van Utrecht.

Met name bijzonder zijn de enorme glas in loodramen die in het kasteel werden aangebracht. Maar verder zijn er oude windwijzers, daknokversieringen en smeedijzeren lantaarns te ontdekken. De schouw met open haard in onze salon komt uit een 18e-eeuws Amsterdams grachtenhuis.

De hoofdingang bestaat uit een poortje in renaissancestijl met daarboven de tekst "Anno 1620". Daarboven bevindt zich een beeldje van David met het afgehouwen hoofd van Goliath. Hier is ook nog het wapen van de familie De Geer te zien, de achtergrond bestaat uit ruiten met eronder de spreuk Non Sans Cause (Niet zonder oorzaak).

Zeer prominent staat op het grootste glas in lood raam ‘Het maakt niet uit hoe lang maar goed men geleefd heeft’. En dit credo willen wij eer aan doen!

Historie

Het huis werd in 1904 gebouwd door jonkheer Egbert Lintelo de Geer (1869-1945), die drie jaar daarvoor gehuwd was met Maria van Marwijk Kooij (1875-1955). De eerste jaren woonden zij in Zeist in villa ‘Lovely Place’ aan de Woudenbergseweg nr. 34, maar als dochter van de vermogende medeoprichter van de Beiersch-Bierbrouwerij De Amstel in Amsterdam beschikte zij over de middelen om zijn droom te verwezenlijken: een huis op stand met de allure van een kasteel, passend bij de status van zijn adellijke familiegeschiedenis.

Als locatie kozen zij in Zeist de woeste en onontgonnen gronden van het kerkenbos, dat zijn naam dankte aan de vroegere eigenaar, de Rooms-katholieke kerk van Rijsenburg. Met het geld van zijn echtgenote werd hier op haar naam 83 ha. grond gekocht, waarvan het grootste deel uit dennenbos bestond. Het huis en landgoed kregen de historiserende naam Het Kerckebosch.

De voorgevel van het nieuwgebouwde kasteelachtige huis wordt gedomineerd door een toren van drie verdiepingen met kantelen en een hoog schilddak in gotische stijl, terwijl er op de eerste verdieping een raam is aangebracht in rococo-omlijsting met een smeedijzeren hekje en siervazen. Ook de rest van het huis is in een mengeling van bouwstijlen met authentieke bouwmaterialen gebouwd. Centraal gelegen is de grote hal, die de sfeer oproept van een ridderzaal met neogotische elementen zoals het kruisgewelf en de trapleuning met spitsbogen, maar ook met consoles uit de 17e/18e eeuw en een deur uit de 18e eeuw. Op de grote schouw in de hal is prominent het familiewapen De Geer aangebracht met de wapenspreuk van de familie: Non Sans Cause.

Rondom de hal liggen de andere vertrekken, waaronder de eetkamer met een plafond van moerbalken en ramskoppen en een 18e eeuwse tussendeur. Verder een salon met een stucplafond, een lambrisering in rococostijl en een herenkamer met paneellambrisering en met een schouw met 17e eeuwse tegels.

Bij het huis werd een park aangelegd met een koetshuis, een kinderhuisje in de vorm van een neogotische ‘folly’ en een tennisbaan – de twee dochters en de zoon stonden in Zeist als zeer sportief bekend – maar over het eindresultaat waren de meningen verdeeld: “Alle voorwaarden lijken vervuld om een vreemd allegaartje tot stand te brengen, maar de heer De Geer moet een man met goede smaak zijn geweest, want – ofschoon men niet alles mooi kan vinden – gaat er van het geheel veel warmte uit.”

Jonkheer De Geer was trots op zijn huis en bij gelegenheid werden de tuinen opengesteld. Zo kon men in de krant lezen: “Het fraaie landgoed ‘Het Kerckebosch’ van jhr. De Geer, zal voor het publiek ter bezichtiging op Dinsdag 21 Juli a.s., waarvoor belangstellenden zich slechts hebben aan te melden tusschen 7 en 7.30 n.m. bij den ingang a.d. Oud Arnh. Bovenweg, hoek Heideweg. De entrée bedraagt weer f 0,25 ten bate van liefdadige instellingen te dezer plaatse.”

Er werd op grootse wijze geleefd indachtig de uitspraak van de Romeinse schrijver en filosoof Seneca in het grote glas in lood venster in de hal: ‘Het doet er niet toe hoe lang maar hoe goed men geleefd heeft’. Er waren ontvangsten en er was veel personeel. Er waren “… eenvoudige, degelijke…” kindermeiden en later ook kinderjuffrouwen, maar ook keukenmeiden, werkmeiden en zelfs derde-meiden voor het “… uitstekend kunnende naaien, mazen en stoppen.”

Mevrouw De Geer was verzot op bloemen en planten en deed zelfs in 1929 mee aan de Nationale Tuinbouwtentoonstelling, waar haar “… zeer elegante Dasylirion gracilis en een prachtig gekweekte Acacia paradoxa in kuip” opvielen net zoals ook “… de groote kuipen met Geranium peltatum…” en “… haar appel ‘Franche codling’, in kuip gekweekt, vol vruchten” daar opvielen.

Hoogtepunten waren de huwelijken van de twee dochters in 1929: freule Henriëtta Jacoba de Geer (1902-1959) huwde in maart van dat jaar de theologie candidaat en latere hervormd-predikant Jean Gustave Ulric van Hoogstraten (1899-1973) en freule Jenny Micheline de Geer (1907-1966) huwde een maand later mr. Willem Adriaan Johan Visser (1904-1975), die in latere jaren burgemeester van Zeist zou worden.

De economische crisis van 1929 zorgde voor tegenslag en in 1931 werd het landgoed gerangschikt onder de Natuurschoonwet om belastingvoordeel te verkrijgen, maar in 1941 kwam aan het goede leven op Het Kerckebosch definitief een einde en jonkheer De Geer en echtgenote verhuisden terug naar villa ‘Lovely Place’, waar zij in hun eerste huwelijksjaren gewoond hadden.

Na de oorlog werd in Het Kerckebosch een hotel-restaurant gevestigd dat in de laatste decennia geëxploiteerd werd door de Bilderberg hotelketen. De naam van het huis werd toen veranderd in Kasteel ‘t Kerckebosch, om het nog meer status te geven. Sinds 11 april 2015 is een nieuw hoofdstuk gestart in de geschiedenis van het huis, waarbij de opening werd verricht door jhr. Ursul Philip de Geer -de kleinzoon van het echtpaar dat het bouwde- en handigde de symbolische sleutel van zijn grootouderlijk huis over aan de nieuwe exploitanten Ingmar Sloothaak en Hans van Triest. Na een intensieve renovatie is het kasteel weer een nieuw leven in geblazen. Door de toevoeging van moderne elementen in combinatie met de bijzondere objecten is het kasteel een ‘one-of-a-kind’ gebouw.

September 2017: Toekomstplannen

Hans van Triest vertelt:

“We hebben onszelf ten doel gesteld om van Kasteel Kerckebosch dé zaak van midden-Nederland te maken. Dit voorjaar is de hele keuken verbouwd en begin 2018 hopen we het nieuwe restaurant te openen, dat op dit moment wordt gebouwd. Naast een gedeelte waar we gerechten op topniveau zullen serveren, gaan we hier ook de nieuwe Bistoria kaart voeren: een toegankelijk menu voor families of gasten die iets minder tijd hebben. De Bistoria zoals wij hem nu kennen komt dan te vervallen, in die sfeervolle ruimte creëren we een wijn- en bierbar waar de culinaire reis zal starten. De weg vervolgt zich door de nieuwe keuken, het centrale middelpunt van het kasteel, waar een amuse zal worden gepresenteerd. Vervolgens serveren we in de Oranjerie een ster-waardig diner. Op en top beleving.”